InfoPeru.com EnglishEspañolNederlandsFrançais
19/11/2017 Contact   Sitemap   About
 

Peru “El Condor Pasa” 18/07 - 09/08/2002

Gids: Jan - 54 jaar - boekhouder - Antwerpen

Groepsleden:
An - 25 jaar - lerares lager onderwijs - Kalmthout
Colette - 29 jaar - industrieel ingenieur - Tubize
Evy - 27 jaar - juriste justitiepaleis - Kalmthout
Hans - 31 jaar - dispatcher - Leuven
Luc - 36 jaar - boekhouder - Brugge
Maike - 21 jaar - dispatcher - Menen
Marina - 35 jaar - regentes chemie & wiskunde - Mechelen
Marjan - 32 jaar - laborante - Putte
Sofie - 24 jaar - historica - Kuurne
Ulricke - 24 jaar - expeditiebediende - Menen
Werner - 33 jaar - bediende - Putte

Donderdag 18/07/02 - dag 1
Brussel - Madrid: 8u15 - 10u15
Madrid - Lima: 12u40 - 00u15 (17u15 plaatselijke tijd)
We zijn als eerste toegekomen op Zaventem. Eventjes nadien werden we verwelkomd door de rest van de groep. Iedereen nog slaapdronken op weg naar de check-in. Doorgeslenterd naar de gate. Na een klein half uurtje vertraging, vertrokken met een Boeiing 757 naar Madrid. Gelukkig was het niet lang vliegen want ik zat niet naast Maike maar niet getreurd. Ze heeft ondertussen onze coming-out gedaan tegenover An en de reactie was positief. Na 2 uur vliegen aangekomen in Madrid. Twee uur transittijd en voor Maike de ideale gelegenheid om een sigaretje te roken. Opnieuw inchecken en met de bus naar het vliegtuig. Het is broeierig warm in Spanje, rond de 30 graden. Dit keer vliegen we met een Airbus 340, rechtstreeks naar Lima. Groot minpunt tijdens de vlucht; de airco deed het niet, zodoende dat iedereen ongemakkelijk werd van de warmte en moeilijk de slaap kon vatten. Als middagmaal kregen we een lekkere pasta. ’n Dutje doen, wat films bekijken, nog wat proberen te slapen en na 12 lange uren kwamen we aan in Lima. Ondertussen is het middernacht in België maar hier is het nog maar 17u15. Het tijdsverschil is 7 uren. Na de douanecontrole en de omhaling van de bagage moesten we even wachten op de chauffeurs die ons naar het hotel brachten. Onze taxi was een gele Kever van het bouwjaar 1958! Na een helse rit door Lima, kwamen we toe in Hostal España, een sfeervol hotel in het centrum van de stad. Voor mij een 10 op 10! Kleurrijk, gezellig en redelijk proper. Eventjes hebben we de gelegenheid om ons te verfrissen. Rond 20u volgde een minisightseeing. Gekuierd op de Plaza de Armas. Kleuters verkopen snoepjes, koeken, popcorn… Oudere kinderen poetsen schoenen voor 2 soles (1 sol = 12 Bfr of 0,3 Euro) Onze gids, Juan, zoals hij zich graag laat noemen, waagt het erop. Ze gebruiken houten bankjes, de schoenen steunen erop, zelf kunnen ze erop zitten en hun gerief zit erin. Echt een stiel apart zo te zien. Juan ’s schoenen blinken als nieuw. Ondertussen kwamen er constant jonge kinderen “bedelen” om toch maar een snoepje van hen te kopen. Ons hart breekt omdat we telkens “no” moeten zeggen. Uiteindelijk bezwijken we om 2 zakken popcorn te kopen, voor 1 sol omgerekend 12 Bfr. De Peruvianen merken snel op dat we toeristen zijn en 2 jonge meisjes beginnen een gesprek met de Spaanssprekende van de groep. Het valt me op dat iedereen heel sociaal is. Na een Spaans-Nederlandse vertaling blijkt dat Isabella, zo heet het meisje, vroeg of Juan haar een uitnodiging wou sturen om naar België te komen. Alleen zo krijgen ze de toelating om hun land te verlaten. We lopen door en stoppen even verder aan het Governement Palace. We krijgen te horen dat President Bush hier vorige week op bezoek was. Er is toen een bom ontploft met 7 doden als gevolg. Overal zie je politie in gevechtsuitrusting... We beslissen om nog iets te drinken in een gezellig cafeetje. Mooie inrichting, er hangen trouwens oude foto ’s van The Beatles aan de muur... Op de kamer heb ik de eerste notities opgeschreven en daarna zijn we gaan slapen met een hevige jetlag.

Vrijdag 19/07/02 - dag 2
Lima - Pisco
Vroeg wakker geworden, rond 6uur. Na wat photo-shoots in de kamer, een zalig warme douche genomen. Tussen de planten door op het balkon, vonden we een grote landschildpad... Ontbeten in restaurant “Machu Picchu”. Heel lekker en dit voor een spotprijs. Voor 5 soles kregen we vers papayasap, 2 pistolets met beleg, een spiegelei en een tas koffie of thee. De smaak van papayasap is wel even wennen, er moet veel suiker toegevoegd worden anders smaakt het wat bitter. Tegenover het restaurant bevindt zich de Sagrado San Francisco. Een Engelstalige gids leidt ons rond in de catacomben. Er liggen 25000 mensen begraven. De botten liggen allemaal netjes soort per soort gesorteerd. Wel luguber. Naast de kerk is er een klooster dat ondertussen veranderd is tot een museum. Er hangen zelfs kunstwerken van Rubens! De -in uniform geklede- niño ’s riepen ons allemaal toe met “Hello Americanos”. Onze eerste dollars zijn intussen gewisseld in soles. Tijdens de stadswandeling hebben we geproefd van één van de typische Peruviaanse tussendoortjes. Acht langwerpige ‘koekjes’, gefrituurd en met veel suiker bestrooid, geserveerd in een papieren zakje, heel lekker! In de grotere steden vind je gemakkelijk een cybercafé. De “we-zijn-goed-aangekomen” mails zijn verstuurd en de eerste telefoontjes naar het thuisfront werden gedaan. Spotgoedkoop trouwens, 1 sol om een half uur te surfen en 1.5 sol/minuut om naar België te bellen. Met de bus vertrokken naar Pisco. Al vlug wordt het duidelijk hoe het “echte Peru” eruit ziet. Langs de weg zie je heel veel armoede, krottenwijken tot ver op de toppen van de bergen... De chauffeur stopt een aantal keer om de handelaars toe te laten op de bus. Hun eetwaar ziet er heel lekker uit, maar toch wagen we het er (nog) niet op om te proeven. Na een aantal uren komen we aan in Pisco. Ons hotel ziet er prachtig uit, we genieten van een warme douche want de luxe kan niet blijven duren. In één van de vele restaurantjes gaan we iets eten. Het ziet er verzorgd uit. Jammer genoeg spelen er 2 televisies en dit is een beetje storend. De groep geniet van hun maaltijd maar vooral van hun drankje, Pisco Sour. Pisco is de naam van het stadje maar is eveneens de naam van de Nationale drank in Peru. Het is een sterke drank dat moet klaargemaakt worden met limoensap, suiker, eiwit en kaneel. Ik drink het niet zo graag maar ik ben dan ook de enige...

Zaterdag 20/07/02 - dag 3
Pisco - Paracas Bay - Islas de Ballestas - Ica - Nazca
We zijn om 6 uur opgestaan en hebben genoten van een rijkelijk ontbijt, buiten op het terras. Het is nog fris maar het is zalig om zo de dag te beginnen. Onze gids, Brenda, verwelkomt ons op de bus met een brede glimlach. In een vlot Engels vertelt ze over de geschiedenis en cultuur van de vele volkeren die ooit in Peru woonden. Het begon met de Nomaden en eindigde met de Inca ‘s. Na een twintigtal minuten komen we toe in een havenstadje aan de Paracas Bay nl. Puerto San Martin. Met zijn allen een speedboot in richting Islas de Ballestas. Deze eilanden lijken op de Galapagos Eilanden in Equador maar dan op een kleinere schaal. Tijdens onze boottocht zien we 2 dolfijnen. Het is ijzig koud en de wind snijdt. Op één van de eilanden staat een tekening afgebeeld, gelijkend op de Nazcalijnen. De tekening is gekerfd in een berg en ziet eruit als een kandelaar, vandaar de naam “El Candelabre”. Na een half uurtje varen zien we de Ballestas. Prachtige rotsen. Zeeleeuwen, pinguïns, gieren en tal van andere vogelsoorten zijn er te zien. Er zwemmen enkele zeeleeuwen rond onze boot. Een mannetjeszeeleeuw heeft ongeveer vijftien vrouwtjes “ter beschikking”. De moeders leren hun jongen zwemmen op hun rug. Pas na vijf maanden zijn ze in staat om zelfstandig te zwemmen en vis te vangen. De meest voorkomende vogel is de “guano bird”. Op alle rotsen van het eiland zie je witte plekken, dit is guano also known as birdshit. Om de 4 jaar werken er 200 mensen gedurende 3 maanden lang op de Ballestas om de guano te verzamelen. De guano wordt voor allerlei doeleinden gebruikt, er zit namelijk veel calcium en eiwitten in. De voeders voor kippen bevat guano om de schaal van hun eieren sterker te maken. In de Sagrado San Francisco te Lima gebruikten ze het goedje om de plafonds steviger te maken zodat ze beter bestand waren tegen de aardbevingen. In de namiddag zijn we wat verder doorgereden aan de Paracas Bay. Aan de kust staat er een speciale kathedraal, niet gebouwd maar gevormd door de natuur. De kathedraal bevindt zich in een rotsopening aan de kust. Via een steil pad in de ‘duinen’ naar beneden, richting kust gewandeld. Het plafond heeft een gewelf gelijkend op die van een kathedraal vandaar de naam “El Catédral”. Er is wel enige verbeelding voor nodig. Terug op de bus op weg naar het Flamenco Reserve. De wegen bestaan uit zout (!) en omdat het nooit regent, hooguit wat nevelt, vergaan de wegen niet. Ze zijn wel zwart van kleur door de uitlaatgassen. Van op een uitkijkpost kon je de flamingo ’s zien maar veel waren er niet te bespeuren. Er is een legende dat zegt dat de kleuren van de vlag van Peru te maken hebben met de flamingo‘s. Als zo ’n vogel boven je vliegt, zie je de kleuren roze-wit-roze vandaar de Peruviaanse vlag. De kleur roze is wel vervangen door rood. Nadien hebben we een klein museum bezocht over de bedreiging van de vele diersoorten. Het zijn vooral de vissers die moeten beseffen dat ze er niet op los mogen vissen maar rekening moeten houden met de bedreigde dieren. Jammer genoeg, maar wel begrijpelijk door de grote armoede, is het enkel het geld dat telt. De vissers varen ’s nachts en keren ’s morgens vroeg terug met de visvangst. Overdag verkopen hun vrouwen de vis op de markt. Het leven is hard. Ze zien elkaar zelden en een vrij weekend of verlof zit er voor hen niet in. Doorgereden naar Ica. We hebben een afspraak in een lokale wijnproeverij. Er wordt uitgelegd hoe Pisco en de typische witte wijn gemaakt wordt. Men werkt er nog heel primitief. De druiven worden geplukt en in een grote betonnen kuip gedaan. Vanaf de valavond tot ’s morgens vroeg dansen er een aantal mannen in de kuip, om de druiven te pletten. Het is heel intensief en lastig werk. Er wordt pas ’s nachts gewerkt om het ongedierte te vermijden. Een wijnproever wordt in het Spaans “El Catador” genoemd, tevens de naam van de wijnproeverij. Jaarlijks is er ook een “Miss Druivenkoningin Verkiezing”. Op de foto ’s aan de muur blijkt dat het er leuk aan toe gaat... Eindelijk zien we enkele zonnestralen, de eerste in Peru na het sombere Lima. Iedereen liep er dan ook vrolijk bij. ’s Middags hebben we ter plaatse gegeten, heel lekker. Pollo a la plancha met arroz en papas fritas. Onze gids nam ons vervolgens mee naar het Museo Régional de Ica. Heel boeiend. Vooral de Nazcacultuur en hun grote collectie keramiek spreken me aan. De potjes en vazen hebben een mooie vorm en prachtige terracotta kleuren. Een goede gids doet er veel aan, Brenda geeft ons uitleg over allerlei beeldhouwwerken. In de laatste zaal waren er enkele mummies te zien maar daar heb ik me niet aangewaagd. Een wijselijke beslissing zei mijn vriendin, mummies zijn niet direct aan mij besteed. Juan gaf onze plaatselijke gids een fooi en met een ‘triporteurke’ vertrok ze terug naar Pisco. Zo te horen doet ze dit 6 dagen op een week... Om uit te rusten van onze drukke dag bracht de chauffeur ons naar een zandoase. Prachtige natuur, palmbomen, een meertje, zonsondergang,... Sommige toeristen oefenen er een plaatselijke sport uit, nl. ‘sandsurfing’. Je huurt een snowboard, gaat te voet een hoge berg op en glijdt vervolgens op het zand naar beneden. Grappig om te zien. Onze busrit ging vervolgens door naar Nazca, onze eindbestemming van een vermoeiende dag. ’s Avonds pizza en pasta gegeten en daarna het bed in.

Zondag 21/07/02 - dag 4
Nazca - Arequipa
Rond 9 uur vertrokken naar Aéroport Maria Reicher. Het is nog bewolkt en daarom moeten we nog wachten vooraleer we kunnen vliegen. Het zonnige weer wordt verwacht rond 11 uur en daarom beslissen we om eerst de Cemeterio de Chauchilla te bezoeken. Er volgt een wilde rit door de woestijn. Het regent hier maar 2 uur per jaar. Af en toe zien we een steenuiltje. Ze zijn heel klein en hun kleur camoufleert hen op het versteend zand. Er leven hier ook schorpioenen en hagedissen. Na een half uurtje komen we ter plaatse. Tot onze grote verbazing komen we bij een kerkhof dat wij niet gewoon zijn. Er liggen hier een 20-tal mummies in evenveel graven. Gewoon in open lucht onder een afdak, gemaakt uit houten palen en rieten matten. De gids vertelt uitgebreid over de Nazca ’s en hun gewoontes. Het waren rovers en ze aarzelden er niet voor om het hoofd van hun vijand af te hakken en bij te houden als trofee. Hoe meer schedels rond hun riem, hoe sterker ze waren. Het was een rare “mode” in die tijd. De rijken hadden er niets beter op gevonden om het hoofd van hun baby ‘s ‘uit te rekken’. Ze deden dat door de schedel van de pasgeborenen te spalken en in te binden, zodanig dat hun hoofd in een puntvorm groeide. Dit duurde tot ze tien jaar waren. Soms werden er kinderen ziek. Daar hadden ze ook iets opgevonden. In die tijd deden ze al aan ‘hersenchirurgie’. Ze boorden gaten in de schedel en vulden die dan op met goud. In feite werden de hersens zelf niet geopereerd. Door de gaten in de schedel op te vullen met goud, toonde dit weeral aan als een teken van rijkdom... Aan een kijkje in de graven heb ik me niet gewaagd, Maike deed dat dubbel in mijn plaats. Na een 2-tal uur vertrokken we terug naar de luchthaven. Het was ondertussen zonnig met een open hemel. Eindelijk, het was zover,... Nazca was één van de hoofdredens waarom we Peru als reisbestemming gekozen hadden. De ganse groep mocht samen in een sportvliegtuigje plaats nemen. Na wat kriebels in de buik van het opstijgen vlogen we over de eerste Nazcalijn. Eén piloot vloog en de andere gaf uitleg over de tekeningen. Eén voor één konden we de tekeningen bewonderen. Door de hoogte was het moeilijk om de grootte van de figuren in te schatten. Gemiddeld hebben die een spanwijdte van 1 à 3 km! Vooral de aap, boom en kolibrie (= humming bird) vond ik het mooiste. De astronaut de grappigste, die tekening paste precies niet bij de andere. Het lijk me eerder een werk van Picasso... De lijnen zijn gemaakt uit heulen, gekerfd in het versteend zand. Ze zijn ongeveer 20 centimeter diep. Door de warmte van de grond hangt er boven de tekeningen een soort warmtegolf. Zo blijven ze gespaard van de wind. Ook omdat het hier heel zelden regent blijven de tekeningen intact. De vlucht was een indrukwekkend schouwspel over één van de grootste mysteries ter wereld... Tot hier toe het hoogtepunt van de reis. Terug naar het dorpje. In de namiddag hadden we vrij. We ploften ons neer op een stadsbankje. Met ieder toestel werd een foto genomen. Al vlug werden we vergezeld door straatkinderen. Eén voor één kwamen ze voor ons zitten met de welgekende vraag of ze ons schoenen mochten poetsen. Urenlang bleven ze kletsen en ze stelden ons vooral veel vragen. Onze naam, leeftijd, enz. Toen ik zei dat we in Belgica wonen haalde een kind een oude Belgische Frank uit zijn schoenbankje! Hij vroeg me benieuwd hoeveel het muntstuk waard is. Hij was niet tevreden met mijn antwoord... In Peru is het ook de gewoonte dat vrouwen op straat koken. Een geschiedenislerares bakte voor ons ‘oliebollen’. Voor 1 sol konden we met 2 personen eten. Heel lekker en vooral gezellig zitten, op een kruk aan hun kraampje op straat. Om middernacht zijn vertrokken met de nachtbus naar Arequipa.

Maandag 22/07/02 - dag 5
Arequipa
We hebben een vermoeiende rit achter de rug. Ongeveer 600 km gereden vannacht in een 9-tal uren. Kronkelende wegen, stijgen en dalen. Het hoogteverschil wordt merkbaar door het gesuis in onze oren. In tegenstelling tot Maike heb ik de slaap niet kunnen vatten. Gebrek aan plaats en een overvloed aan gesnurk in combinatie met een doordringende toiletgeur zijn niet direct bevorderlijk voor de slaap. Aangekomen in hotel “La Reyna”. An, de eerste die tijdens de reis verjaart mocht het kaarsje van de chocoladetaart uitblazen. De kokkin had haar best gedaan en al vlug kreeg iedereen nog een kopje thee. We kregen even de tijd om te douchen en maakten ons klaar voor de eerste wandeling in Arequipa, ook gekend als de witte stad. Veel gebouwen zijn opgetrokken uit wit lavagesteente. Rond Arequipa zijn er 3 vulkanen, wel niet meer actief. Op la Plaza de Armas zijn de meeste grote gebouwen in koloniale stijl met mooie balkons. Op zo ’n balkon nemen we een ontbijt. De Peruvianen zijn niet echt handig als het aankomt op bestellingen opnemen. Er is altijd wel iets te kort of verkeerd, nu ja, dat nemen we er graag bij. Het eten is verzorgd en het uitzicht prachtig, in de verte zien we El Misti (5825m), de beruchtste vulkaan van de stad De kamerverdeling is ondertussen gebeurd, de West-Vlamingen slapen samen in een vierpersoonskamer. Ons hotel ligt naast het Santa Catalina Monasterio, dé toeristische (en duurste) attractie in de omtrek. Voor 25 sol per persoon krijgen we een rondleiding van 2 uur, wat achteraf gezien wel te lang was. De gids vertelt in haar gebrekkig Engels dat het klooster gesticht werd in 1572 en geopend voor het publiek in 1970. Het gebouw is bijna een dorp op zich, het is 25000 m² groot. Door de felle kleuren en de smalle gangetjes geeft het klooster wel veel sfeer weer. De rondleiding was niet zo interessant. Besprekingen van christelijke figuren en schilderijen liggen me niet zo en dit voor 2 uur... Een beetje een tegenvaller. Na een korte wandeling in het centrum komen we toe bij Casa del Moral. ‘Moral’ is Spaans voor Mulberrytree, een wilde bessenboom. Midden op de patio staat zo ’n boom, meegebracht uit Sicilië. De 2 hoofdkleuren van het gebouw zijn oranje en blauw. De oranje muren geven aan dat dit een openbare plaats is. Als de muren blauw geschilderd zijn, wil dit zeggen dat het een privé plaats is. Binnenin hangen er wereldkaarten aan de hand van Mercator. Onze beloofde postkaartjes zijn inmiddels geschreven, nu nog een brievenbus vinden. Tijdens onze vrije uurtjes ontdekken we een bazaar. Een piepklein steegje met tal van winkeltjes. We hebben leuke souvenirs gekocht, keramiek in de Nazcastijl. We hebben ook aan onszelf gedacht en voor elk een typisch Peruviaanse muts gekocht, dat we vast en zeker nog zullen nodig hebben. Maike poseerde graag met een verkoopster aan wie we een muziekinstrument gekocht hebben. Een palo de lluvia is een regenstok. Een bamboestok gevuld met pareltjes, door het instrument om te draaien hoor je het geluid van de regen... Ze zijn versierd met Incatekeningen. Later op de avond gaan we iets eten in restaurant ‘Aryquepay”. Een restaurant waar ze alle nationale gerechten serveren. ‘Quy’, geroosterde cavia, wordt nog niet besteld maar een aantal van de groep wagen zich aan een ander typisch gerecht. Alpaca, een gerecht met lamavlees. Een alpaca is een mengeling tussen een schaap en een lama, in feite een lama met meer wol. Het smaakt naar het schijnt als biefstuk. De jarige werd uitgenodigd om een dansje te doen met een muzikant van het orkestje dat zowel in het Engels als het Spaans “Happy Birthday” zong.

Dinsdag 23/07/02 - dag 6
Arequipa
Opgestaan met een bloedneus door de grote hoogte. Arequipa ligt op 2300 meter en dat voel je. Sommigen hebben hoofdpijn maar daar blijf ik redelijk van gespaard, gelukkig maar. Het merendeel van de groep wou vandaag een dagje fietsen, de anderen hebben een vrije dag. Met z ’n vijven hebben we beslist om een dagje op een langzaam tempo door te brengen. De hoogte is nog altijd even wennen en het wordt er niet beter op. Morgen stijgen we weer enkele honderden meters. Voor het eerst kan ik mijn broekspijpen afritsen want het is stralend weer, 25 graden. Gewapend met een stadsplan gaan we te voet naar de eerste mirador nl. Mirador Rinconada Carmen Alto. De eerste foto ’s worden genomen. Een taxichauffeur komt ons vragen of we enkele ritten willen naar andere miradors. Hij zegt er al vlug bij dat ze niet in onze gids vermeld staan maar wel de moeite lonen. Wat aarzelend nemen we de taxi. Hans vooraan, handig want hij spreekt Spaans en kan zo een gesprek aanknopen met de chauffeur. Sofie, Maike en ikzelf op de achterbank en Luc in de koffer. Na een hobbelige rit en een tankbeurt van 5 sol (60 Bfr of 1.5 Euro) komen we toe aan de tweede mirador. Het plaatsje heet Adieztramiento de Caballos de Ejercito. Indrukwekkend! We zien de 3 vulkanen van Arequipa voor ons, precies allemaal netjes op een rij. El Misti is de hoogste en staat in het midden. Rechts ervan heb je Picchu Picchu en links Chachani. Beneden in het dal loopt er een stromend riviertje. Op weg naar de derde mirador stoppen we even bij een brug “Puento Fierro Simon Bolivar” ontworpen door Eifel en Enrique Meigs. Onze laatste stopplaats is de Mirador de Sachaca Distrito Traditional. Voor 1 sol per persoon gingen we met veel gepuf de vele trappen op in de toren. Mooi en ver uitzicht. Er is een héél grote kloof tussen arm en rijk in Peru. Links zie je al de krottenwijken met hun hutjes uit klei met een strooien dak. Rechts heb je de betere wijken. Rondom hun huizen staan hoge muren, bovenop de muren zijn er overal glasscherven, vastgemaakt in een laagje cement. Een goedkope maar efficiënte oplossing voor de veiligheid. Voor de ramen van ieder huis of hotel is zijn er trouwens metalen hekken vastgemaakt. Te voet keren we terug naar Plaza de Armas. Op een bank zien we 2 mannen zitten met een typmachine. Ze typen brieven voor de analfabeten tegen betaling. Iets later begint een vrouw te kletsen met Maike. We verstaan haar heel moeilijk, af en toe schrijft ze een woord op zodat we dit kunnen opzoeken in onze vertaalgids. Na een uurtje komen we te weten waar het over gaat. Alicia, zo heet de moeder, wil dat Maike in 2003 madrina (doopmeter) wordt van haar dochtertje Andrea. Hier mogen de kinderen pas gedoopt worden als ze 2 jaar oud zijn. Het blijkt dat ze graag toeristen hebben als doopmeter omdat ze beter zijn, lees beter behoed zijn. We leggen haar uit dat dit onmogelijk is omdat de afstand België - Peru nu eenmaal niet zo evident is. Voor haar is het moeilijk te begrijpen. Ze kent België niet, wat wel logisch is, maar zelfs van Europa heeft ze nog nooit gehoord... Alicia schrijft toch gretig haar telefoonnummer neer, in de hoop dat we haar bellen... Vanaf vandaag zijn er hier en daar al festiviteiten voor de nationale feestdag. We wonen een concert bij van een Peruviaanse zangeres en haar band. De muziek ligt ons niet zo en in de pauze gaan we door. Om de avond af te sluiten gaan we iets eten... in een verwarmd restaurant! Dit is heel uitzonderlijk in Peru. Bijna nergens is er verwarming, niet in restaurants, hotels,cafés. Ook al kan het overdag 15 graden zijn, vanaf 16u koelt het snel af. ’s Avonds zijn handschoenen, muts en sjaal geen overbodige luxe. ’s Nachts kan het vriezen en in de hotels is het altijd heel koud. Eerst in de slaapzak en dan nog eens onder een deken. Het personeel dient ’s morgens het ontbijt op in hun winterjas. Bij ons is dit ondenkbaar. Een receptioniste met muts en handschoenen is geen uitzondering. Alles heeft zijn voordelen, ideale manier om energie en vooral veel geld te besparen.

Woensdag 24/07/02 - dag 7
Arequipa - via Patapalpa Pass - Chivay
Weeral opgestaan met een bloedneus, deze keer ben ik niet alleen, ook Sofie heeft er last van. Door de grote hoogte zal dit nu wel vaker gebeuren. We vertrekken met een uur vertraging met de bus van Arequipa naar Chivay. We rijden door het National Reserve waar er veel Alpaca ’s grazen. Af en toe stopt de bus om te genieten van de natuur. Het ziet er warm uit maar het is heel fris en er is een ijzige wind. Overal zie je eeuwige sneeuw. Nog een 50-tal km verder ligt het landschap bezaaid met vulkaanstof, afkomstig van een vulkaanuitbarsting 7 jaar terug. El Misti was de boosdoener. Alle ramen zijn dicht maar toch heeft iedereen last van het stof in de bus. Het kriebelt in de keel en neus. Via de Patapalpa Pass rijden we verder. We zijn nu op 4900 meter, het hoogste punt van onze reis, misschien wel het hoogste punt waar we ooit in ons leven zullen komen. Er is toch nog vegetatie te zien en af en toe zie je zelfs nog een boom. We komen aan in Chivay en overnachten er op 3600 meter hoogte. Chivay betekent in het Quechua “nest van de condor”. Het merendeel van de inwoners spreekt geen Spaans maar enkel de oude Incataal (= Aymara). We doen een wandeling van een 2-tal uur om aan de hoogte te wennen. Het is niet zo evident, we dalen en de kiezeltjesgrond glijdt weg onder onze voeten. Op een bepaald ogenblik houdt Hans ons één voor één vast zodat we niet zouden vallen, voet voor voet moeten we langs de rotsen steil naar beneden. Iets verder springen we over een diepe kloof en moeten we over een brug. Voor wie hoogtevrees heeft is dit geen aanrader. Overal zie je de terrasbouw van in de pré-Incatijd. Ongelooflijk hoe ze dit voor elkaar gekregen hebben op zo ’n hoogte... De temperatuur schommelt ondertussen rond de 0 graden. Om ons wat op te warmen gaan we zwemmen in “La Calera”, een warmwaterbron in open lucht. Het water heeft een temperatuur van 80 graden als het uit de pijpleiding komt, gemengd met de koude buitenlucht daalt de temperatuur naar 40 graden. An en ik zwemmen niet en zorgen bibberend voor de zwemtassen. Een groot contrast, wij in een dikke trui, handschoenen, sjaal en muts, en voor ons mensen in hun badpak. Het water blijkt voor sommigen zelfs iets te warm, ze zitten op de rand van het zwembad om wat af te koelen.

Donderdag 25/07/02 - dag 8
Chivay - Cabanaconde - Colca Canyon - Chivay
Vroeg uit de veren, om 5u30! Het vriest buiten, het is -5 graden. We zijn met de bus op weg voor een anderhalf uur richting “El Condor Pasa”. Na een helse rit tussen de rotsen komen we toe op onze bestemming waar we vol spanning naar uit kijken. Er wachten een 100-tal mensen op de condors. We zijn nu op 3500 m hoogte. Ons geduld wordt snel beloond. De eerste condors vliegen al zwevend uit de Colca Canyon. Immense vogels! Ze vliegen op 10 meter van ons en af en toe zweeft er één boven ons hoofd. Ik heb er geen woorden voor. De vogels worden in vrijheid 85 jaar en in gevangenschap 70 jaar. Dit kan tellen. Als de condors een witte hals hebben zijn ze al redelijk oud. Jaarlijks leggen ze 2 eieren. Koeien die grazen op een berg worden vaak aangevallen door een condor. Ze bijten in de koe, deze verliest haar evenwicht en dondert naar beneden. In het dal wordt dan gretig de maaltijd verorberd... Het lijkt of ze een show opvoeren voor ons. Dit is zonder twijfel weer eens een hoogtepunt van onze reis! We rijden door naar Cabanaconde, een dorpje met 3500 inwoners. Vanaf dit dorp begint de groep aan de afdaling van de Colca Canyon, de diepste ter wereld, 3600 m. (Inderdaad, dieper dan de Grand Canyon, 1600 m). Er groeien diep in het dal sinaasappel- pompelmoes- en perenbomen. Het sap van verscheidene cactussen wordt door de lokale bevolking nog steeds gebruikt al shampoo. Maike en ik gaan mee tot aan de eerste mirador om wat foto ’s te nemen. We laten de rest van de wandeling aan de anderen over en beslissen om kennis te maken met de bevolking. De mensen zijn hier heel vriendelijk. Ze willen niets van ons, komen niet bedelen om iets van hen te kopen. Anders dan op de vorige plaatsen dat we reeds bezocht hebben. We wandelen in de steegjes, precies zoals in de Middeleeuwen. Straten uit aarde met wat stenen. Ezels en varkens lopen hier vrij rond. De kinderen spelen buiten en roepen “ola”. Ze vragen zelf of we een foto van hen willen nemen! Fier poseren ze met hun amigo‘s. Op de Plaza de Armas zitten er drie giechelende kleutertjes te spelen aan een fontein. Ze willen ook op de foto. Maike geeft ze elk een balpen en papier. Al snel hebben ze het door en Maike moet van alles tekenen. Een huis, bloem,... Joselita is niet verlegen en ze ratelt maar door. Ze vertelt dat ze vier jaar zijn en ze samen in de klas zitten. Cabanaconde is een ideaal plaatsje om zwart-wit foto ’s te nemen. We nemen voornamelijk portretfoto’s. We staan nu al te popelen om het resultaat te zien. Het weer viel heel goed mee vandaag, tot 28 graden in de zon. Ons gezicht heeft een mooi kleurtje.

Vrijdag 26/07/02 - dag 9
Chivay - Puno
Vandaag was het een dagje op de bus zitten, we reden van Chivay naar Puno. Heel vermoeiend door de hoogte en de hobbelige wegen. In feite mochten we niet klagen want 2/3 van de weg is geasfalteerd, een uitzondering in Peru. We hielden een pitstop aan de “Mirador de Los Andes”, op 4700 m hoogte. Een heel mooi uitzichtpunt op verschillende vulkanen waaronder El Misti, gelegen in Arequipa. Langs de weg zie je overal stenen op elkaar gestapeld, het lijken wel kleine torentjes. Dit gebruik stamt af van de Inca ’s en wordt vandaag nog steeds gedaan. Het is een vorm van bijgeloof. Men legt 1 steen naar, doet een wens en stapelt er dan een torentje stenen bovenop. Ze geloven dat de goden hun wens zal doen uitkomen... Via Juliaca komen we aan in Puno, een stad op 3600 meter hoogte, gelegen aan het Titicaca Meer. Er wonen 120.000 mensen. Het merendeel van de bevolking spreekt Quechua, de anderen spreken Spaans of Aymara. Quechua is de hoofdtaal voor de Peruvianen die tussen Cuzco en Puno wonen. Aymara wordt voornamelijk gesproken door de mensen die tussen Puno en La Paz, Bolivia wonen. Op alle scholen wordt wel in het Spaans les gegeven, de belangrijkste officiële taal. ’s Avonds gaan we zoals gewoonlijk iets eten en nadien gaat het merendeel van de groep surfen. De eerste reisverhalen en groetjes worden naar familie en vrienden gemaild.

Zaterdag 27/07/02 - dag 10
Puno - Sillustani - Puno
Puno is gekend voor de dagelijkse markten, uitgestrekt over verschillende kilometers. We hebben deze voormiddag vrij en met een klein groepje genieten we van de speciale sfeer op de markt. De vrouwen zijn er nog traditioneel gekleed. Tientallen aardappelsoorten, één van de specialiteiten van Peru, worden aan de man gebracht. Je vindt ze in alle kleuren en vormen. Meestal lijken ze helemaal niet op de aardappel die wij kennen. De vleeskraampjes laten we links liggen. Het stinkt er verschrikkelijk en van hygiëne is er al helemaal geen sprake. De schapenkoppen, kippenpoten, ingewanden van allerlei dieren, liggen kriskras door elkaar. Jakkes. Maike koopt aan een fruitkraampje sinaasappels, 12 voor 1 sol (1 Bfr per stuk)! Er is heel veel volk en op sommige plaatsen moet je mee met de stroom. We weten niet meer goed waar we zijn en beslissen om een taxifiets te nemen. In Puno zie je veel zo’n fietsen. Ze rijden tussen de auto ’s door en aangezien er niet veel verkeerslichten- en regels zijn is dit toch een risico. Alle bestuurders, ook de fietsers, toeteren er op los, maar dit vinden we ondertussen al heel normaal. Voor maar twee sol komen we aan op Plaza de Armas. Deze namiddag staat er een uitstap naar Sillustani op het programma, een schiereiland niet ver van Puno. Sillustani was een grote begraafplaats voor de pré-Inca’s en de Inca‘s. Er zijn drie soorten graven. Je ziet er ook nog enkele Intihuatana‘s, zonnewijzers van de Inca‘s. Inca betekent letterlijk “kind van de zon”. Wat verder zien we het eiland Antimoco liggen. Er leven veel cavia ‘s en verschillende soorten vogels. We keren met de bus terug naar het hotel en voor de eerste keer regent het op onze reis. Ik blijf ziek achter in het hotel terwijl de anderen zich wagen aan het nachtleven in Puno. Ik heb buikgriep, ondertussen al de vierde van de groep. Hopelijk is het morgen over...

Zondag 28/07/02 - dag 11 (Nationale Feestdag)
Puno - Titicaca - Uros - Amantani
Vroeg vertrokken vandaag, nee niet met de bus maar met de boot. We varen op het Lago Titicaca, het hoogst bevaarbare meer ter wereld, 3600 meter. Het heeft een oppervlakte van 8560 km² waarvan 71 km² bestaat uit eilanden. Na een half uurtje varen komen we aan bij de Islas de los Uros. De eilanden zijn door de mens gemaakt en bestaan al meer dan 1000 jaar. De eilanden bestaan uit riet, dat in het meer groeit. In het regenseizoen wordt er één nieuwe laag riet opgelegd en in het droog seizoen twee maal. Het meer is op deze plaats niet zo diep, maximum twee meter. Overal zie je het riet, de stengels worden drie à vier meter lang. Het hoogste deel steekt altijd uit het water. Het onderste deel van de rietstengel wordt gepeld en opgegeten, het smaakt naar banaan. Op de verschillende Islas de los Uros wonen er een 2000-tal mensen en op elk eiland wonen er 8 à 10 families. Ieder eilandje heeft ook zijn eigen naam, het eerste dat wij bezoeken heet Chumi. De eerste stappen op het riet voelen raar aan en iedereen is wat onwennig. Bij iedere stap, zie je de ondergrond wat bewegen, je voet zakt lichtjes in het riet, je loopt precies op een grote spons. Het bezoek is een beetje een tegenvaller, té toeristisch. Zeventig procent van de bevolking leeft louter van het toerisme en de andere dertig procent van de visvangst. Vooral makreel en forel staan vaak op het menu, ze bevatten veel fosfor en dat is naar het schijnt goed voor de hersenen. We varen door naar Isla Amantani. We leggen aan en de lokale bevolking verwelkomt ons. Na een steile klim, niet te onderschatten klim komen we aan bij ons gastgezin. Onze kamer valt redelijk goed mee, uitgezonderd de kakkerlakken op de muren en ‘plafond’, plafond dat bestaat uit plastiek. Per 3 à 4 ‘woningen’ is er een toilet voorzien. Primitief maar proper. Het zijn kleine hokjes gemaakt uit metaal en jammer genoeg in fel rood geschilderd. Dit stoort een beetje in het landschap. Later vernemen we dat deze toiletten een geschenk zijn van Fujimori. We doen dikkere kledij en gaan te voet naar het hoogste punt van Amantani op 3910 meter. Het is koud en het waait, een muts is noodzakelijk. Onze tocht wordt beloond want we zien een mooie zonsondergang. Dit gaat heel snel in Peru, in een 5-tal minuten is de zon helemaal onder. Rond 18u schemert het en om 18u30 lijkt het wel nacht. Het is pikkedonker want er is hier nergens elektriciteit en dus ook geen licht. We worden uitgenodigd door ons gastgezin voor het avondmaal. Olga kookt en Ignesia probeert een gesprek aan te knopen. Ze zijn 27 en 28 jaar en zien er minstens 10 jaar ouder uit! Drie van de vier kinderen slapen al, enkel Lourdes is nog wakker. De keuken is een donkere lemen hut, enkel wat licht van de “oven”. Ze kookt op een soort “pizza-oven” in het klein. Het oventje werd gemaakt uit klei, onderaan wordt hout ingelegd, bovenaan zijn er 2 gaten om een pot in te hangen. We zien bijna niks en Maike besluit nog een kaarsje te halen voor op tafel. Nu wordt het pas echt duidelijk hoe primitief ze hier leven. Je moet het gezien hebben om te geloven of om er je een goed beeld van te kunnen vormen. We eten “soupa de verduras” als voorgerecht en “arroz, papas fritas y pescado” als hoofdgerecht. De vis laat ik liggen, ik had Olga de vis zien fileren en dit stilde mijn honger… Om 20u is er een dansfeest, dit is iedere zondag zo. Iedereen van de groep moet traditionele kledij aan. Ik krijg de slappe lach toen Olga Maike in een rok met bloes hulde. Rond het middel wordt een lint strak aangebonden om de twee rokken op te houden. De typisch geborduurde sjaal hoort er natuurlijk ook bij. Tien minuten later staan we beiden gekleed in Peruviaanse stijl in de plaatselijke “danszaal” van het dorp. Het orkest begint te spelen en de toeristen worden uitgenodigd om mee te dansen. Hun danspasjes zijn constant dezelfde en in de muziek zit ook niet veel variatie. Dansen is niet direct iets voor mij maar het is wel leuk om de anderen bezig te zien. Zoiets hoort er natuurlijk bij als je een land als Peru bezoekt.

Maandag 29/07/02 - dag 12
Amantani - Taquille - Puno
We werden vroeg gewekt door Olga, de vrouw des huizes. Tegen alle verwachtingen in hebben we goed geslapen. Heerlijk rustig. Eens zonder getoeter van auto‘s, geschreeuw van mensen of geblaf van honden wakker worden doet goed. Na een half uurtje moeten we al door want de boot vertrekt om 07u45. Trots poseert ons gastgezin voor een foto, jammer genoeg ontbreekt het jongste kindje. We geven elk kind een balpen. Lourdes vliegt Maike rond de hals, dolblij voor een pen... De boot brengt ons naar het volgend eiland. Na een halfuurtje varen komen we aan op Isla Taquille. We moeten terug bergopwaarts stappen om het marktje van het dorp te bereiken. Terwijl we wat uitrusten genieten we van een traditionele dans te midden van de markt. Het noemt misschien ook wel Plaza de Armas zoals zovele, wie weet... Een 50-tal mannen en vrouwen dansen uren aan een stuk door, op hetzelfde ritme en hetzelfde deuntje. Enkelen nemen een middagmaal op een terrasje. We eten met uitzicht op Bolivia! Er hangt wat mist maar toch is het buurland van Peru goed zichtbaar. Peru heeft trouwens 5 buurlanden; Equador, Colombia, Brazilië, Bolivia en Chili. Na drie uur varen zijn we terug in Puno. Een moment waar ik naar uit keek, terug slapen in een propere kamer en lekker eten in een plaatselijk restaurant. Vanavond vieren we de tweede jarige van onze groep. Luc werd vandaag 36. Hij trakteert met wijn en Pisco.

Dinsdag 30/07/02 - dag 13
Puno - Raqchi - Andahuaylillos - Cuzco
’t Was een lastige dag vandaag. In feite heb ik niet zoveel te vertellen. De busreis van Puno naar Cuzco duurde maar liefst 10 uur! Af en toe was er wel een toeristische stop zoals bij de archeologische site Raqchi. Er is een grote Incatempel te bewonderen. Het grootste deel werd jammer genoeg verwoest. Wel mooi van architectuur, symmetrisch, daar hou ik van. Het bouwwerk is 90 m lang en toont indrukwekkend als je ervoor staat. Iets later doorgereden naar Andahuaylillos, een pittoresk dorpje. Gezellig maar wel heel toeristisch. Er staan enkele kraampjes voor de kerk. Maike heeft er een portefeuille gekocht. Vermoeid komen we aan in Cuzco, we gaan vroeg slapen.

Woensdag 31/07/02 - dag 14
Cuzco
Een tiental dagen terug ben ik gevallen aan de Paracas Bay in Pisco. Het pad ging steil naar beneden, ik gleed uit en viel. De dag nadien had ik pijn aan mijn enkel en net er boven. Ik dacht dat het spierpijn was en Luc, onze EHBO’er van de groep heeft mij een 3-tal dagen verzorgd met een zalf en door mijn enkel in te binden. Het beterde maar niet en na een aantal dagen werd de pijn erger en erger. In Puno hebben we een dokter opgebeld dat op consultatie kwam in het hotel. Hij sprak gebroken Engels maar we konden eruit opmaken dat ik mee moest naar het ziekenhuis om een röntgenfoto te laten nemen. De taxi bracht ons naar het plaatselijke ziekenhuis. Het zag er verlaten uit, er brandde enkel licht in de apotheek. Alhoewel apotheek... ze verkopen er ook chips, cola, snoepgoed... Na een half uurtje wachten in een duistere zaal kwam de dokter naar ons toe, samen met de verpleger die de foto ‘s neemt. Hij zei kort en bondig “x-ray non function!” Voila, dit was de uitleg. Hij wou ons eventueel wel naar de andere kant van Puno brengen, naar een ander ziekenhuis, maar hij kon ons niet verzekeren dat ze daar een foto zouden kunnen nemen... Hij zei dat er misschien een barst was in een beentje boven mijn enkel ofwel dat mijn voet verzwikt was. Hij kon me niet verder helpen, enkel een zalfje (tegen spierpijn?!) en een licht verband er rond... daarmee moest ik het dan stellen... Na twee dagen verminderde de pijn niet en daarom besloten we vandaag om samen met de groepsleider, nodig voor de Spaanse taal, naar een ziekenhuis te gaan hier, in Cuzco. Wat een warboel! Na een tijdje zoeken vonden we eindelijk de ingang en aan het “onthaal” werden we doorverwezen naar de dokter. Na eventjes wachten mocht ik op consultatie. Hij merkte dat er meer aan de hand was dan wat spierpijn. Er moest een foto genomen worden. Tal van mensen stonden te wachten, wenende kinderen, mensen met gapende wonden,... , slachtoffers van een verkeersongeval. Het stonk er verschrikkelijk... Iedereen stond kriskras door elkaar te wachten tot hun naam werd afgeroepen. Eén voor één mochten ze binnen. Toen was het aan mijn beurt. Ik moest alleen naar binnen, de gids mocht niet mee en ik spreek geen Spaans. Kleedkamers zijn hier blijkbaar niet nodig. Terwijl een oudere vrouw nog maar half gekleed was werd er ondertussen een foto van mijn voet genomen. Kwestie van tijd te besparen denk ik. De vloer was plakkerig van het bloed en andere viezigheid. Behalve een propvolle vuilnisbak en een RX-tafel stond er niks. Zoiets houd je niet voor mogelijk. Onbeschrijfelijk... Gelukkig mocht ik snel naar buiten. Op de vijfde verdieping moesten we wachten op de foto‘s. We werden nogal ongeduldig. Het duurt ongeveer een uur vooraleer zo ’n primitieve machine de foto ’s kan ontwikkelen. Ons geduld werd beloond, een verpleger kwam ons de foto ’s brengen en voor de tweede maal mocht ik op consultatie. Het goede nieuws was dat er niks gebroken of gebarsten was. Het slechte nieuws dat mijn gewrichtsbanden verrokken waren, gelukkig nog niet gescheurd. Door nog een 10-tal dagen verder te stappen na mijn val had ik het alleen maar verergerd zei de dokter. Tja, wij dachten dat het gewoon wat spierpijn was en dat dit na een 3-tal dagen wel zou overgaan. Zo niet dus... Enkel rust kom mij van de pijn verlossen maar dit is nu éénmaal niet zo evident als je op avontuurlijke reis bent. Binnen twee dagen staat de Inca trail voor de deur. De dokter zei: “no Inca trail, you have to rest”. Daar had ik geen oren naar want Machu Picchu is het hoogtepunt van onze reis, onder andere daarvoor zijn we hier en ik wil de top bereiken. Na een kwartier kwamen we tot een oplossing. Een vaste dikke pleister gaat niet want dan kan ik totaal niet meer wandelen maar een zachte kleefpleister kon wel. Weeral naar de wachtkamer terwijl onze gids om de verbanden en pijnstillers ging. Zo gaat dat hier, zelfs al kan je moeilijk uit de voeten, toch moet je zelf naar beneden om je medicijnen te kopen in de ziekenhuisapotheek. Na meer dan een uur kwam Jan terug. Voor de derde maal op consultatie! Er werd een pleisterverband op mijn huid gekleefd, van mijn hiel tot aan mijn knie. Rondom “watten” en twee verbanden voor extra stevigheid. Oef! Eindelijk teug steun. Dagelijks een pijnstiller nemen en hopelijk kan ik zo de Incatrail aan. We‘ll see. In de namiddag hebben we met de groep een interessante archeologische site bezocht rond Cuzco nl. Saqsayhuaman. Dit wordt in het Engels vaak uitgesproken als “sexy woman” J. Voor een zacht prijsje hebben we een gids ingehuurd. Hij vertelde dat de site gebouwd werd rond de 15de eeuw. De leider van het bouwwerk was Pachachutec. Er werkten 20000 mensen voor hem. De site is dan ook immens groot en beslaat een oppervlakte van 3800 hectare. Het duurde 85 jaar vooraleer het af was. Saqsayhuaman betekent in het Quechua letterlijk “hoofd van de poema”. De drie belangrijkste dieren van in de pré-Inca - en Incatijd komen veelvuldig terug; de condor, poema en slang. Het vergt zoals gewoonlijk veel verbeelding om die duidelijk te herkennen. Wat wel meteen opvalt is de zigzagvorm (= slang) in de vele muren. De vorm had voornamelijk met het spirituele te maken, maar ook om meer stabiliteit te hebben tijdens een aardbeving. Op iedere hoek van de muren staat een hele grote steen, ongeveer 6 à 7 m hoog waarvan 1 m in de grond vast zit. Cuzco is vooral gekend als hoofdstad van de Inca ’s maar ook en vooral door de vorm van de stenen in de vele bouwwerken. Sommige hebben 11 tot 15 hoeken! Ze zijn mooi afgewerkt, vlak gemaakt met primitieve hamertjes en scherpe stenen. Het is een raadsel hoe ze in die tijd deze klus hebben geklaard. Door de grootte van de stenen is het gewicht ervan immens. Een steen van 1.2 à 1.6 ton is geen uitzondering! In Saqsayhuaman is er nog maar 1 originele doorgang over, de andere werden vernield door de Spanjaarden. Vele van de stenen die oorspronkelijk gebruikt werden voor de site, werden door de Spanjaarden meegenomen naar het centrum van Cuzco om daar bouwwerken op te richten. Cuzco heette in de Incatijd “Qosqo” en dat betekent letterlijk “borst/chest” wat staat voor sterk. Er wordt vaak verteld dat “Qosqo” “navel” van de wereld betekent maar dat blijkt niet te kloppen. Het waren de Spanjaarden die het woord “Qosqo” niet konden uitspreken die de stadsnaam veranderden. Van Saqsayhuaman naar de Plaza de Armas is het een eindje rijden maar via een oud Incapad is het maar 15 minuten wandelen. Veel stukken van het immense bouwwerk liggen nog begraven maar tal van archeologen zijn bezig om stukje per stukje ‘bloot’ te leggen. Zo hebben ze vorig jaar 7 mummies gevonden die nu te zien zijn in het belangrijkste Incamuseum van Cuzco. Dit museum was het laatste dat op ons programma stond vandaag. We hebben het zonder gids bezocht en dit is af te raden. De informatie bij de vele voorwerpen en beeldhouwwerken was enkel in het Spaans geschreven. Dat vond iedereen niet kunnen. Het merendeel van de groep (zoals ikzelf) liepen er wat ‘verloren’ bij. Ik heb niet het gevoel dat we iets bijgeleerd hebben... jammer.

Donderdag 01/08/02 - dag 15
Cuzco - Ccorao - Pisac - Ollantaytambo
De dag is leuk begonnen vandaag. Op weg naar de Sacred Valley of the Inca ’s, gestopt in Ccorao, een piepklein dorpje met een gezellige markt. We hebben wat snuisterijen gekocht en dit voor enkele soles. De busrit ging verder naar Pisac. Onmiddellijk begonnen we aan de wandeling, via een smal pad langs de rand van de bergen. Vanuit de verte (en de hoogte) zagen we de site liggen. Een mooie Incaruïne met een Intihuatana, een zonnewijzer. De gids gaf uitleg en daarna kregen we wat vrije tijd. Ideaal want met mijn voet in een gipsverband is het niet zo gemakkelijk om te stappen. Na de wandeling was een drankje meer dan welkom. De verkopers weten dit ook en een kraampje dat enkel vers geperst fruitsap verkocht deed gouden zaken. Maike en ik kenden Pisac niet van de ruïnes maar wel van de typische keramiekschalen. Een bezoekje aan de ambachtelijke markt hoorde gelukkig bij ons programma. Zoals zo vaak, konden we het kopen niet laten. De prijs is geen probleem want voor 30 soles kon je een vijftal potten kopen, het transport is wel een probleem. Als je met een rugzak reist is het moeilijk om alles veilig weg te steken. Jammer... maar we moesten het bij 1 schaal en enkele potjes laten. Ze zijn heel mooi en kleurrijk geschilderd. We reden verder richting Ollantaytambo. Onderweg zijn we gestopt om te eten. Maike bestelde forel en ik kip. Ondertussen werd het eten opgediend aan een andere tafel. We keken onze ogen uit! Het waren reuzenborden! We dachten eerst dat die mensen een extra grote portie besteld hadden… tot ze onze borden opdienden. Onze borden puilden over. We moesten een bord bijvragen om er de helft op te leggen. Op mijn bord lag er rijst, een reuze aardappel, 3 halve bananen, frieten, tomaten en een groot stuk kip (een soort kippenschnitzel) bovenop! Je moest het zien om te geloven. De porties zijn zodanig groot dat het lachwekkend werd. Maike heeft er gelukkig een dia van genomen. Ik heb er nog geen derde van opgegeten, terwijl ik grote honger had! Onze maag was gevuld... Na het middagmaal reden we door naar Ollantaytambo. Een site dat je kan beklimmen door middel van honderden trappen. Ik kon daardoor niet mee en heb beneden gewacht op de groep. Maike zei me dat het de moeite was. ’s Avonds op de bus richting Cuzco.

Vrijdag 02/08/02 - dag 16
Cuzco - Incatrail
Om 4u uit ons bed. Het wordt spannend vandaag, onze eerste dag van de Inca-trail. Sofie is ziek en kan jammer genoeg niet mee. Jan blijft achter om samen met Sofie naar het ziekenhuis te gaan voor enkele tests. We rijden samen met Edgar, onze plaatselijke gids, met de bus naar Ollantaytambo. Onderweg stoppen we om de dragers op te pikken. Ze zijn met 18! Dit klinkt veel maar ze moeten heel veel mee zeulen. Water, voedsel, tenten, gasflessen, kookgerief, … Onze eigen rugzak moeten we zelf dragen. Die weegt ook al zwaar genoeg, slaapzak, dikke kledij, regenjas, basis toiletgerief. De bus rijdt op smalle paden en komt aan bij kilometerpaal 82, waar wij onze tocht beginnen. We maken ons klaar, smeren ons in tegen de zon en de muggen. De eerste groepsfoto wordt gemaakt. De dragers moedigen ons aan met een banaan en een lolly. We steken een brugje over. Het is nog niet zo lang dat er hier een brug is. Enkele jaren terug moesten de toeristen nog dmv. een vlot en touwen getrokken worden naar de overkant. De rivier, de Urubamba is wild. De eerste stappen van een lange tocht volgen. Gisteren was Edgar langs geweest in ons hostal om wat uitleg en praktische tips te geven. Ik had hem gevraagd of ik de trail zou aan kunnen met mijn voet in ‘t verband. Hij zei dat ik het in ieder geval moest proberen en hij vervolgde dat de eerste dag traag begint. Hij zei dat het pad vlak en dus niet zo vermoeiend is. Met dat in mijn achterhoofd zie ik het zitten om eraan te beginnen. Al vlug merken we dat ‘vlak’ in het Peruviaans anders is dan de betekenis dat wij aan het woord ‘vlak’ geven. De betekenis van ‘Peruvian flat’ is al serieus heuvelachtig en er zitten alle ferme bergbeklimmingen in. Tegen de middag ben ik al pompaf. Ik kan niet goed stappen, mijn voet doet pijn omdat de ondergrond nooit effen is. Het stijgen is heel lastig, gelukkig heb ik mijn wandelstok om op te steunen. Maike helpt me ook door een deel van mijn gerief te dragen oa. mijn slaapzak. Voor haar is het ook zwaarder door het extra gewicht. Het begint te regenen. De dragers zijn ons inmiddels voorgelopen en hebben reeds een tent opgezet waaronder we kunnen eten. Iedere middag en avond zullen ze voor ons koken. We krijgen elk een glas fruitsap als ‘aperitief’ met wat crackers. Het middagmaal bestaat uit een soort groentetaart met spinazie en vis. Lekker. We krijgen nog de tijd om wat uit te rusten. Het weer is wat opgeklaard maar het is wel fris. We vervolgen onze tocht. Het tempo licht hoog. Enkele lopen vooraan met de gids. De rest van de groep volgt. Mijn tempo is traag omdat ik mank. We moedigen elkaar aan en drinken veel water. Jammer genoeg stoppen we niet vaak, bijna geen tijd om foto ’s te nemen of om te genieten van het landschap. De natuur is prachtig. Overal bergen. De flora is heel afwisselend. We krijgen wat uitleg over de verschillende cactussen. De Aloë Vera kennen we van in de cosmeticaproducten. We stappen verder en opnieuw moeten we stijgen. Iedereen heeft het lastig. We zitten achter op schema. Het is al 17u en om 18u wordt het donker. We hebben geen tijd meer om het voorziene tentenkamp te bereiken. Edgar sluit een deal om de tenten op een andere plaats op te slaan. Ik ben kapot en rust wat uit in de tent. Mijn voet is gezwollen… Maike komt mij halen voor het avondmaal. We eten samen met de gids. Hij zegt dat we de eerste dag al 2 uur achter staan op ons schema. Morgen is de moeilijkste dag. We moeten 2 hoge bergpassen over. Het is sowieso al lastig en we moeten dan nog eens de 2 verloren uren van vandaag inhalen… Als we op dit tempo blijven stappen halen we morgen de eindbestemming niet. Er is geen mogelijkheid om op een andere plaats te overnachten op de tweede dag. Hij zegt dat ik het morgen niet zal aan kunnen… mijn tempo is te traag. Om de trail aan te kunnen moet je kerngezond zijn, iets kleins kan grote gevolgen hebben tijdens de tocht. Hij vreest zelfs dat er nog andere mensen problemen zullen hebben, zelfs al zijn ze gezond. Ik beslis om zijn raad op te volgen en morgen terug te keren. Het is een grote ontgoocheling. Ik zeg mijn mening tegen de gids. Hij zag ’s middags al dat mijn tempo te traag was om de 2de dag aan te kunnen, toch heeft hij het pas ’s avonds gezegd. Als ik dit ’s middags had geweten kon ik toen al terug keren. Deze namiddag was heel lastig door de steile beklimmingen… Had ik toen geweten dat ik helemaal terug moest keren was ik er nooit aan begonnen. Ik weet het wel, je moet het toch eens proberen… maar als ervaren gids moet je de toeristen niks wijs maken… met kapotte gewrichtsbanden haal je de eindmeet niet… en daarmee is de groep het met me eens. Ontredderd ga ik slapen…

Zaterdag 03/08/02 - dag 17
Terugkeer Incatrail
Ik heb slecht geslapen. Het was heel koud maar vooral de vochtigheid was het grootste probleem. Al onze kleren van gisteren hadden we in onze slaapzak gestopt om ze hopelijk vandaag droog te kunnen aandoen. Zo niet dus, alles is nat, onze slaapzak kan je uitwringen. De temperatuur draait momenteel rond het vriespunt. Het is ijzig koud. Maike beslist om samen met mij terug te keren. Edgar, onze gids, verontschuldigt zich omdat hij het mij niet gisterenmiddag zei dat ik het tempo niet zou aankunnen… We ontbijten, poetsen onze tanden en maken ons klaar om te vertrekken. We nemen met spijt afscheid van de rest van de groep maar toch zijn we ervan overtuigd dat we de juiste beslissing maken. Het eerste stuk van de terugtocht is een afdaling. Edgar zit er wat mee in en zegt dat we gerust onze tijd mogen nemen. De eerste trein vertrekt pas om 14u. Het is nu 7 uur ’s morgens en het is ongeveer 4 uur stappen. Ik maak van de gelegenheid gebruik om Edgar van alles te vragen over de geschiedenis en cultuur van zijn land. Hij vertelt over de Inca ’s en Machu Picchu. Heel leerrijk om eens 4 uur een privé gids te hebben J Het gesprek gaat verder over de Nazca ’s en hun cultuur. Ik zeg hem dat de lijnen van Nazca voor mij het hoogtepunt van de reis waren. Ik kan maar niet begrijpen hoe ze die immense tekeningen gemaakt hebben. Hij zegt me dat ze toen al vlogen met een soort ‘luchtballon’ over de woestijn om te zien of hun tekeningen mooi symmetrisch waren. Raar dat onze gids in Nazca ons dat niet verteld heeft… Toch wel verwonderlijk hoe ze dit hebben klaar gespeeld. We genieten van het landschap. Onze terugtocht heeft een meer verscheiden natuur dan gisteren. Veel groener. Maike neemt veel dia’s, nu we er eens de tijd voor hebben… Gisteren was het allemaal op een haastig tempo. We wandelen verder door een Eucalyptusbos. Onze gids doet goed zijn job. Maike luistert geïnteresseerd naar zijn uitleg. Er staan hier 15 verschillende Eucalyptusbomen. In het bos ruik je de typische geur van Eucalyptus niet, enkel als je een blaadje aftrekt en verfrommeld kan je het ruiken. Rond 11 uur komen we aan bij een vriend van Edgar. Hij is een meubelmaker en woont op 10 minuutjes van het station. We hebben onze trein pas binnen 3 uur en mogen daar wat uitrusten en genieten van de zon. Het is prachtig weer vandaag, T-shirt weer. We smeren ons in want op zo ’n hoogte verbrand je onmiddellijk. Rond 13u30 vertrekken we naar ’t station. Te voet naar beneden, een brug over en terug een stuk bergop. Rond 14u30 worden we wat ongeduldig, de trein is al een half uur te laat. Edgar vraagt het na en krijgt slecht nieuws. Ze weten niet of de trein nog zal komen. We besluiten om te wachten op de trein van 15u. Ook die komt niet aan. We zijn nu al van 11u aan het wachten dus al meer dan 4 uur! De ‘verantwoordelijke’ van het ‘station’ heeft met de radio gevraagd wanneer er nu eindelijk een trein komt. Ze beloven ons dat er om 16u een trein zal zijn. Ondertussen is er een moeder aangekomen met haar baby. Het kindje kreeg kokend water over haar rug en billen. Het meisje is zwaar verbrand en schreeuwt het uit van de pijn. Twee mannen smeren haar in met een zalf, aan de kant van de spoorweg. De verantwoordelijke ‘belt’ terug naar de conducteur en zegt dat de trein van 16u zeker moet stoppen omdat het kind dringend naar het ziekenhuis moet. Hij komt terug met slecht nieuws. De trein zit vol en zal niet stoppen… We kunnen het niet geloven! We horen de trein aankomen en iedereen staat op het tweede spoor om de trein toch te laten stoppen. De moeder steekt haar verbrand kind in de lucht om aan te tonen dat het ernstig is. Wel 20 mensen staan op de sporen te roepen en aan te duiden met hun handen dat de trein moet stoppen… maar de trein rijdt door! We zien in het voorbij rijden dat de laatste 2 wagons nog vrij zijn. De trein zat zogezegd vol… Het komt erop neer dat de trein niet stopt voor 4 personen, het brengt niet genoeg op. Zelfs een gewond kind is de moeite niet om voor te stoppen. We blijven sprakeloos achter. We hebben er geen woorden voor… Zo een situatie hou je de dag van vandaag niet voor mogelijk. We horen dat de trein van 17u en 18u ook niet zal stoppen. Nu moeten we nog 3u wachten op de trein van 19u, die moet gelukkig verplicht stoppen want het is geen toeristische trein maar een trein voor de lokale bevolking. Normaal mogen geen toeristen op die trein maar aangezien er deze namiddag geen enkele toeristische trein wou stoppen hebben we geen andere keuze… We besluiten om terug te keren naar het huis van Edgar ‘s vriend en daar te wachten. We hebben de hele dag nog niks gegeten. We mogen daar iets eten en onze gids kookt voor ons. Ik vertel wat over België. Hij stelt me veel vragen. Hij kan er niet bijkomen dat wij allemaal verwarming hebben thuis. Edgar kent 1 restaurant in Cuzco waar ze een kachel staan hebben… We praten verder over onze eetgewoontes. In Peru kan je geen vloeibare melk kopen, het is een soort poeder, te vergelijken met Nesquik. Ik zeg hem dat we in België melk in flessen of in bric kopen, wat voor ons normaal is, staat hij verstomd van. De tijd gaat gelukkig vlug voorbij. We gaan terug naar het station voor het donker wordt. We hebben nu al 8 uur gewacht op de trein! Het is bijna 19u en intussen pikdonker. Er brandt 1 lamp in een ‘winkeltje’ aan de kant van de spoorweg. De trein zal propvol zitten. Er komt ons iemand helpen, hij zegt waar we precies moeten staan. De trein stopt nooit helemaal maar blijft langzaam verder rijden… Als je niet in de buurt bent waar die ene deur open gaat kan je het wel vergeten. Iedereen bereidt zich voor. De trein komt eraan en hij zit inderdaad bomvol. Maike en de gids sleuren mij mee naar de ingangsdeur. De treden zijn hoog en ze duwen mij erop terwijl de trein blijft rijden. Zonder hen had ik het niet gered. Maike en de gids geraken er ook op, nipt. We staan gepropt op elkaar. Maike krijgt instructies van Edgar hoe we ons moeten gedragen. Naar beneden kijken, niet praten, rugzak afdoen. We mogen niet opvallen. De lokale trein is enkel voor de Peruvianen maar we hadden geen andere keuze. Door de drukte kan ik mijn rugzak niet afdoen. Even later wordt er op mijn schouder geklopt. Ik probeer het te negeren. De conducteur staat te roepen en Edgar helpt me. Hij legt uit dat ik gewond ben en dringend naar het ziekenhuis moet. De man kent geen medelijden en zegt dat we maar een toeristische trein moesten nemen. Edgar legt de situatie uit, dat we al van 11u deze morgen stonden te wachten maar dat iedere trein telkens doorreed. Hij is nijdig en zegt dat we aan de volgende halte moeten uitstappen en ons moeten aanmelden bij de politie. We moeten onze naam opgeven. Edgar geeft hem 2 valse namen door, we heten nu Rika en Sara. Hij noteert ‘onze’ naam. We proberen kalm te blijven. We moeten ons paspoort geven maar Edgar zegt dat ze in een andere rugzak zitten, in de rugzak van een vriend op de trail. Als we afstappen zal de conducteur ons naar de politie brengen om een verslag op te maken en een boete te betalen. Normaal kost een treinticket 3.5 sol maar wij moeten per persoon 10 dollar betalen! We worden nerveus. Enkele mensen rond ons beginnen zich te moeien. We denken dat ze kwaad zijn op ons omdat we op ‘hun’ trein zitten. ‘k Vraag Edgar om alles te vertalen. Hij zegt dat ze boos zijn op de conducteur en niet op ons. Ze zeiden dat iedereen het recht moet hebben om deze trein te nemen, ook de toeristen. Voor ons is 3.5 sol niet veel geld maar voor de Peruvianen wel. Ze zijn kwaad omdat ze voor die prijs nog geen plaats krijgen om te staan, dat ze als beesten bij elkaar zitten. Het is hier snikheet. Sinds kort is de “Perurail” geprivatiseerd en de situatie is er ferm op verslecht. Ze doen de moeite niet om extra wagons aan te koppelen. De mensen hebben gelijk, bij ons is dit ondenkbaar. Wij klagen al als onze trein 5 minuten vertraging heeft… Tien minuten later komen we aan in Ollantaytambo, we moeten eraf want we mogen niet doorrijden naar Cuzco. Edgar had al op voorhand gevraagd aan de mensen voor ons of ze straks plaats wilden maken voor ons. De treinreizigers zijn ondanks de situatie heel vriendelijk en verstaan onze situatie. Edgar houdt mijn hand vast en ik dat van Maike. We moeten bij elkaar blijven want anders is het een ramp. We zien de conducteur niet en zetten het op een lopen. Taxichauffeurs klampen ons aan om ons naar Cuzco te voeren. Een taxichauffeur rent met ons mee tot aan zijn wagen. We stappen in de taxi, doen onze Peruviaanse muts aan en een sjaal voor ons gezicht. Edgar zegt dat ze ons zullen zoeken en dat we dus snel moeten vertrekken. Er stappen nog 3 mensen in, 1 in de koffer bij de rugzakken en een koppel vooraan, op 1 zetel. De taxi scheurt weg. Maike en ik moeten wat kalmeren, we kunnen niet geloven wat er in dat laatste uren allemaal gebeurd is. Negen uur wachten op een trein, een verbrand kind, propvolle treinen, valse namen opgeven, weg rennen voor de politie, met 7 in een kleine taxi… Na enkele minuten zijn we wat bedaard. Het koppel vooraan zingt mee met de radio en in de koffer ligt er iemand te slapen. Plots gaat de gsm af van de chauffeur. Hij neemt op en zegt enkele keren “I love you” en brabbelt wat in het Spaans. Onze gids en medepassagiers beginnen te lachen. Maike en ik begrijpen er niks van. Onze gids neemt de telefoon over. De taxichauffeur zegt iets in het Spaans en Edgar vertaalt het in het Engels. Even later legt Edgar de situatie uit. Enkele maanden heeft onze chauffeur een Amerikaanse leren kennen, een toerist die hij af en toe rond voerde in zijn taxi. Ze werden verliefd. Hij spreekt geen Engels en zij geen Spaans… Ze vertrok terug naar huis maar ze belt hem minimum 2 keer daags op. Aangezien ze elkaar heel moeilijk verstaan moeten ze altijd rekenen op de hulp van een toerist, een passagier in zijn taxi. We beginnen ook te lachen. We hebben meegespeeld in 2 films vandaag, eerst een avonturenfilm en nu een komedie… Na een uurtje rijden komen we aan in Cuzco. We nemen afscheid van onze gids en bedanken hem voor alles. We geven Edgar met plezier 10 dollar fooi wat voor hem veel geld is. Zonder hem zaten we niet op de trein of moesten we een ferme boete betalen bij de politie. Hoe taal een barrière kan vormen…

Zondag 04/08/02 - dag 18
Cuzco - Ollantaytambo - Aguas Calientes
Lekker kunnen uitslapen, allé ja, tot 8u30 ongeveer en op onze reis is dat lang. Vandaag doen we op ’t gemakske. We bekijken al onze souvenirs en beseffen dat dit niet allemaal in onze grote rugzak kan. We herschikken alles en steken de breekbare zaken in onze handbagage. Vooral de keramiek van in Pisac is heel breekbaar. Gisterenavond hebben we een flesje Inca Kola gekocht. Onze reserve handschoenen gebruiken we als verpakking. Hopelijk springt het flesje niet op het vliegtuig. Maike vertrekt naar een reisbureau om info te vragen waar we een bus kunnen nemen naar Ollantaytambo. Ik maak van de gelegenheid gebruik om mijn verslag te vervolledigen. ’s Middags eten we op ’t gemak in ons favoriet restaurant te Cuzco. Rond 14u vertrekken we met openbaar vervoer naar een dorpje waar we een andere verbinding moeten nemen. Het is een busje met een 20-tal zitplaatsen. De chauffeur moet geen geld ontvangen of een ticket geven als je opstapt. Er staat op de bus een persoon die telkens de deur open doet, als je afstapt moet je met pasgeld betalen, van een ticketje is er geen sprake. Als die persoon op straat iemand ziet wuiven, laat hij dit aan de chauffeur weten, hij stopt dan de bus. Er zijn niet echt vaste opstapplaatsen. De deur is bovenaan gesloten met een schuifslotje. De persoon die aan de deur staat moet bij iedere op -en afstap het slotje omhoog schuiven. De wegen zijn niet in goede staat en bij iedere hobbel op de weg valt het slotje naar beneden en gaat de deur open… niet echt een veilig systeem… Ongeveer een uur later komen we aan, we stappen over in de bus naar Ollantaytambo. Na een klein half uurtje zijn we ter plaatse. We wandelen te voet naar het station. In het reisbureau hadden ze ons gezegd dat we er vroeg moesten zijn om een ticket te kunnen kopen. Het zijn allemaal genummerde plaatsen en op is op… Het is nu 16u en het ‘loket’ gaat open om 18u. Het loket is een houten hokje dat buiten staat aan de rand van de spoorweg. Daarachter is er een groot metalen hek, zodat niemand op het spoor kan zonder zijn of haar ticket te tonen. Rond 17u30 schuift Maike aan. Een half uur later staat er al een hele lange rij. Gelukkig zijn we op tijd. De man aan het loket is vriendelijk en spreekt een klein beetje Engels. Voor 10 $ per persoon bemachtigen we een plaatsje op de trein. Het is intussen pikdonker. Naast elke wagon staat er een bordje op het perron met de wagonnummer. We stappen op en met onze zaklamp vinden we onze plaatsen. Iedereen zit in het donker en blijkbaar is dat normaal. De trein vertrekt op tijd. Na een tijdje gaan de lichten aan, het merendeel is stuk maar we zien mekaar toch al zitten. Jammer dat we een late trein moesten nemen, buiten is het donker en zo zien we van onze reisweg. De trein rijdt door de bergen in een prachtige natuur. We komen aan in Aguas Calientes. Na een tijdje zien we Jan, onze gids. Hij en Sofie zijn reeds in de namiddag aangekomen en hebben in “Hostal Inka” 2 kamers geboekt. We gaan vroeg slapen want morgen moeten we vroeg uit de veren.

Maandag 05/08/02 - dag 19
Aguas Calientes - Machu Picchu - Cuzco
We nemen de eerste bus naar Machu Picchu. Het busticket is duur. Onze route gaat heel steil de bergen in. Na een half uurtje zijn we boven. Daniël, een begeleider van de trail, komt ons tegemoet met de ingangtickets. Hij brengt ons bij de rest van de groep. Ze zien er allemaal heel vermoeid uit. Ze zijn al aan het wandelen van in de vroege morgen, ’t was nog donker. Enkelen vonden het onverantwoord om in het donker te stappen. Er zijn diepe afgronden en met een zaklamp als enige verlichting is dit niet veilig genoeg. Langs de ene kant vinden Maike en ik het jammer dat we de volledige trail niet gedaan hebben maar langs de andere kant beseffen we heel goed dat terugkeren de beste oplossing was. An vertelt ons dat de tweede dag op een veel te hoog tempo lag en Luc voegt er aan toe dat ze geen tijd hadden om te genieten van de natuur. Soms waren er hoge trappen onderweg en sommigen sleepten zich op het laatste naar boven, op handen en voeten. Voor ons zegt dit genoeg. Luc vindt het ook jammer dat hij de tijd niet had om foto ’s te nemen. Als we de groep vervolledigen, is Edgar, inmiddels begonnen met uitleg te geven over de site. Het is boeiend. Sommigen luisteren maar met een half oor door de vermoeidheid. Hij geeft ons uitleg over de architectuur. Na de begeleidende toer krijgen we vrije tijd. We staan nog altijd verbaasd dat we hier nu werkelijk zijn. We hadden er al veel over gelezen en hadden reeds beelden gezien op National Geographic maar toch… nu je hier staat besef je pas hoe het hier is. Vooral de ligging en de grootte van Machu Picchu zijn indrukwekkend. Rondom rond hoge bergen. Hiram Bingham heeft dit reuze bouwwerk ontdekt in 1911, toen was het helemaal overwoekerd. Op het middenplein staat er nog 1 boom om aan te geven in welke staat ze de plaats ontdekt hebben. Machu Picchu is goed bewaard gebleven, dit komt omdat de Spanjaarden de site nooit gevonden hebben tijdens hun veroveringen. We nemen enkele foto ’s en genieten… Na de middag rijden we met de bus terug naar beneden, naar Aguas Calientes. Maike en ik kuieren wat rond en kopen nog enkele T-shirts. De rest gaat zwemmen of neemt een lunch. Om 17u moesten we de trein nemen naar Cuzco, maar door een misverstand van de gids missen we die. Om het goed te maken trakteert hij ons op een drankje. De terrasjes staan langs de kant van de spoorweg, op anderhalve meter waar de trein rijdt. Het is moeilijk om dit uit te leggen als je er zelf nog niet geweest bent of als je er geen foto van gezien hebt. De trein rijdt dwars door dit dorp. Kinderen staan te spelen op de spoorweg, een spoorweg dat ook dient als voetpad… Even later nemen we de trein. Het is ongeveer 3 uur rijden. Na een uurtje stopt de trein, in the middle of nowhere. We staan nu bijna een uur stil en iedereen wordt ongeduldig. We komen via via te weten dat de trein voor ons technische problemen heeft en in panne staat. Sommigen stappen af en gaan te voet verder. Na nog een half uur wachten besluiten we om hetzelfde te doen. Enkelen hebben een zaklamp. Iedereen loopt in een rijtje na elkaar, naast de spoorweg. Het is precies nacht. Na een eindje stappen komen we aan in Aguas Calientes. Daar nemen we de bus naar ons hotel in Cuzco. Weer een bewogen dag met het openbaar vervoer achter de rug. Nu we Machu Picchu gezien hebben, kunnen we tevreden gaan slapen. J

Dinsdag 06/08/02 - dag 20
Cuzco
Vandaag is onze laatste dag in Cuzco. In kleine groepjes wandelen we rond. We gaan ’s middags op ’t gemak iets eten. Enkelen bezoeken nog gebouwen maar wij hebben daar niet zoveel zin in. We slenteren wat rond en nemen een laatste foto van La Plaza. Maike koopt aan een jongen sigaretten, typische sigaretten van Peru met de vermelding ‘tabacco Peruana’. De mijnwerkers rookten ze vroeger maar wij houden ze als souvenir. In de namiddag gaan we met zijn tweetjes iets drinken. We genieten van 1 van de weinig rustige dagen in Peru. ’s Avonds gaan we vroeg slapen. We willen uitgerust zijn voor onze vlucht morgen.

Woensdag 07/08/02 - dag 21
Cuzco - Lima
Vandaag vliegen we terug naar Lima. Een taxi brengt ons naar de luchthaven. Een paar uur later vliegen we over het Andesgebergte. We logeren in Hostal España, ons eerste en tevens ons laatste hotel in Peru. We hebben enkele uren vrij en samen met Luc wandelen we door de straten van de stad. Wat later in de namiddag hebben we afgesproken met de rest van de groep. Jan stelt voor om een sightseeing tour te doen met een bus. ’n Goed idee maar het stelt eigenlijk niet zoveel voor. De bus brengt ons naar het hoogste punt van Lima, een uitkijkpunt. Door de dichte mist zien we haast niks. Een uitkijkpunt, tja, maar dan mag er geen mist zijn en aangezien dat het klimaat hier 6 maanden op een jaar mistig is… De buschauffeur zegt dat het zicht nu nog tamelijk goed is… hoe moet het dan anders zijn… ’s Avonds ‘vieren’ we ons laatste avondmaal in Peru. Allé ja, vieren is nu ook niet het juiste woord… ’t Zal raar doen om morgen te vertrekken. Afscheid nemen van onze reisgenoten waar je 23 dagen mee door gebracht hebt… We laten ons hoofd nog niet hangen en genieten met zijn allen van onze laatste vakantieavond.

Donderdag 08/08/02 - dag 22
Lima - Madrid
Het is definitief. Vandaag vertrekken we naar huis. Voor de laatste keer organiseren we onze rugzak. We moeten pas om 18u op de luchthaven zijn, daarom brengen we nog een bezoekje aan een landgenoot. Jean-Pierre woont ongeveer twee jaar in Lima. Hij huurt een huis in de buitenwijk en verhuurt kamers aan toeristen. Het ziet er mij een levensgenieter uit. Hij werkt voor een andere reisorganisatie als begeleider. Binnen enkele weken vertrekt hij met een groep naar Equador. Op dit moment woont hij hier graag maar hij zal hier maar enkele jaren blijven. Uit het gesprek kunnen we afleiden dat Costa Rica zijn droombestemming is. Misschien een land waar wij ooit nog zullen komen, wie weet… We vertrekken om 17u naar de luchthaven en rond 18u checken we in. We ademen voor de laatste keer Peruviaanse lucht in en stappen op het vliegtuig. Ik ruil mijn ticket met Colette zodat ik naast Maike kan zitten. Luc is mijn andere buur. Stilletjes aan besef ik dat de reis voorbij is…

Vrijdag 09/08/02 - dag 23
Madrid - Brussel
Na een vlucht van 12 uur landen we in Lima. Voor ons is het 8u ’s morgens maar door het grote tijdsverschil is het in feite al 15u in de namiddag. We moeten 2u wachten vooraleer we op het vliegtuig naar Brussel kunnen. Na een kleine vertraging stijgen we op en 2 uur later landen we op Zaventem.
De eerste reisverhalen kunnen beginnen… J

Het was een prachtige vakantie! We zijn van plan om nog verre reizen te maken maar ik denk dat geen enkel ander land nog zo’n indruk zal maken op ons. Het was onze eerste verre reis en we hadden er héél lang naar uitgekeken.
Peru is een aanrader! Een land met een heel verscheiden natuur en rijke cultuur. Vooral dit laatste heeft voor ons de knoop doen doorhakken om Peru als reisbestemming te kiezen.

Maike & Ulricke

 


 
©2017 InfoPeru
Best 1024 x 768
Top | Cities | Machu Picchu | Inti Ramyi | Inca Trail | Incas | Email | Sitemap | About
Since 19/08/2005
3917 visits

Page processed in 0.04 seconds